wadden zeeklei veen zand themakaart overig contact
vulling Ontginning Westergo Oostergo 11 Steden Polders Natura 2000 Flora Fauna


Fryslân, zeeklei

Zeekleilandschap van de kust

Op de steeds hoger wordende wadplaten tegen de kust kon zich zilte vegetatie vestigen. Een stabiel vegetatiedek is in staat veel slib vast te houden, het versnelt de opslibbing. Deze met zilte vegetatie begroeide kleigronden worden in Fryslân Kwelders genoemd. Zeewater heeft hier twee maal per dag toegang via een stelsel van kronkelende geulen en prielen. Bij storm met verhoogde waterstanden kan de hele kwelder overstromen. Daar waar de kwelder aan het water grenst ontstaan kwelderruggen of kreekruggen. Als het water het land opkomt, bezinken de groffe deeltjes het eerst, hier is de grond zavelig en doorlatend. Dieper landinwaarts kunnen in rustig stilstaand water ook de kleinste deeltjes bezinken en wordt zware Knipklei afgezet.

Sporen van het eerste gebruik van de kwelders vinden we rond 650 v.Chr. Mogelijk ontdekten boeren vanuit Drenthe de goede weidegronden van de kwelder en namen deze in gebruik. De eerste permanente bewoners vestigden zich op de hogere delen van de kwelder zoals op kwelderruggen en aan de oevers van geulen en kreken. Later begon men de woonplaats te verhogen met zoden, restanten van bebouwing en afval. Deze huispodia konden uitgroeiden tot terpen waarop plaats was voor een compleet dorp. Uit de Romeinse tijd worden de eerste sporen van dijken gevonden, daarna raakte het gebied grotendeels ontvolkt. Rond 450 n.Chr. kwamen er nieuwe bewoners vanuit andere gebieden rond de Noordzee.

Na de kerstening van Fryslân kwam in de tiende eeuw de dijkbouw op gang. Aanvankelijk voorzag men terpdorpen van een ringdijk. Vanaf de elfde eeuw werd, onder initiatief van Kloosters, het bedijken gecoördineerd en grootschaliger aangepakt. In de twaalfde eeuw waren Oostergo en Westergo voorzien van dijken en begon men kwelders in de Middelzee in te polderen. De Middelzee deelde Fryslân in tweeën en liep vanuit het noorden diep landinwaarts tot aan de veengrond bij Bolsward en Sneek. In 1505 werd de inpoldering van het laatste deel van de Middelzee planmatig en grootschalig aangepakt met behulp van kennis en mankracht uit Zuid Holland. Het bedijken van stukken kwelder is tot in onze tijd doorgegaan. De laatste jaren wordt echter het belang van kwelders voor de natuur, en als klimaatbuffer, ingezien. Op sommige plaatsen worden zomerdijken doorgestoken zodat buitendijkse polders weer omvormen tot kwelders.

Meer ...





De gedeeltelijk afgegraven terp van Jannum
Jannum, Klik op de foto voor meer over terponderzoek

Fryslansite ©Hendrik van Kampen