Pingoruïnes zijn ontstaan in permafrost tijdens het Weichselien

- De Gans 1983
- Torremans 2006

Pingoruïnes op de Duurswouderheide

Pingoruïnes zijn de overblijfselen van grote ijsklompen die tijdens het Weichselien (de laatste ijstijd) in de permafrost werden gevormd. Op een Pingo ligt een beschermende laag grond met vegetatie. Als de laag openbreekt wordt het ijs blootgesteld aan de warmte van de Zon en ontdooit. Wat achter blijft is een rond meertje, een Pingoruïne. Rond een dergelijk meertje kan nog een randwal liggen, restanten van de grond die ooit de Pingo bedekte. De meertjes zijn vaak gevuld met veen of water maar soms vallen ze ook droog. Pingo's kunnen meer dan 1000 jaar oud worden. Er bestaan twee typen: open-systeem en gesloten-systeem Pingo's. Beide typen kwamen vermoedelijk in Noord Nederland voor.


Open systeem Pingo's
De open systeem Pingo's ontstaan aan de voet van flauwe hellingen of bij breuken in de aardkorst. Kwelwater dat door breuken en spleten naar boven wordt geperst bevriest in de permafrost. Het ijs vormt een heuvel onder een beschermende toplaag van bevroren grond en vegetatie. Open-systeem Pingo's komen voor in discontunue permafrost (plaatselijk onderbroken permafrost).

Animatie van een open systeem Pingo 

Gesloten systeem Pingo's
In de permafrost van het Weichselien was er onder oude meren nog vloeibaar water in de bodem aanwezig. De oprukkende permafrost drukt het achtergebleven water omhoog, vlak onder het oppervlak ontwikkelt zich een Pingo. De in de zomer ontdooiende toplaag van de permafrost zorgt voor de aanvoer van vers water zodat de Pingo kan blijven groeien. Gesloten-systeem Pingo's komen voor op vlaktes in contunue permafrost. (overal aanwezige permafrost)

Keywords: Open, Gesloten, Systeem, Pingo, Pingoruïnes, Duurswouderheide, Weichselien, Sporen, IJstijd, Permafrost, Randwal, Rond, Meertje, Animatie

Animatie van een gesloten systeem Pingo 

Fryslansite ©Hendrik van Kampen